Skip to main content

Onderhoud en fiscus

De manier waarop de overheid de eigenaar van een rijksmonument steunt bij het noodzakelijk onderhoud, verandert de komende jaren drastisch. Onlangs heeft de Tweede Kamer namelijk ingestemd met de afschaffing van de monumentenaftrek met ingang van 2019. Dat wil zeggen dat de eigenaar alleen over 2018 nog de onkosten van het onderhoud mag aftrekken van de belastingen. Daarna komt er een onderhoudssubsidie. De aanvraag daarvan kan ingediend worden in het jaar nadat de kosten zijn gemaakt. Voor het eerst is dat in maart/april 2020 over het jaar 2019. 

 

Overigens is het mogelijk om aftrekposten voor de belastingen nog jaren na dato op te voeren. Dus wie nog kosten heeft gemaakt de afgelopen jaren, kan die nu nog aftrekken van de belasting over die jaren. Zie voor meer informatie de site van de belastingdienst.nl.

 

De onderhoudssubsidie gaat zo'n 35 procent van de kosten bedragen. Er is echter een van tevoren vastgesteld bedrag beschikbaar. Daarvoor heeft de Tweede Kamer aandacht gevraagd. Het mag niet zo zijn, zei de politiek, dat eigenaren van monumenten de dupe worden omdat er niet genoeg geld beschikbaar is. Hoe dat precies geregeld wordt, is nog niet duidelijk. 

 

Wel duidelijk is dat de aanvraag in het jaar nadat de kosten gemaakt zijn, ingediend kan worden. En dat gedurende een korte periode, van maart tot april. Daarna neemt de Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed dan een beslissing en wordt het geld uitbetaald. Niet veel anders dan bij de belastingaftrek dus. 

Een poging van de minister om alleen aanvragen boven de 1000 euro voor subsidie in aanmerking te laten komen, is door de Tweede Kamer verijdeld. Ook kleinere bedragen mogen dus gevraagd worden. 

 

Was de regeling de laatste jaren bij de belastingaftrek al strenger geworden, bij de subsidieregeling doet het rijk er nog een schepje bovenop. Subsidie voor onderhoud om het monument overeind te houden, dat is de bedoeling. Geld voor het vervangen van een keuken, badkamer of cv-ketel is er in principe niet meer. Tenzij die monumentale waarde hebben natuurlijk. Uitgangspunt is de ingewikkelde leidraad voor onderhoud monumenten. De Tweede Kamer heeft gevraagd om daar goede voorlichting over te geven. Dat komt ongetwijfeld nog. 

 

Lees er hier meer over.

 

-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

Tot en met 2018 (aangifte in 2019) gelden de volgende regels: 

 

Regeling per 2012

Per 1 januari 2012 is de regeling voor fiscale aftrek van onderhoudskosten aan een rijksmonument gewijzigd, zie verder bij Belastingdienst.

De aftrek van uitgaven voor monumentenpanden is versoberd en vereenvoudigd en komt in grote lijnen op het volgende neer:

- De mogelijkheid om vaste lasten en afschrijvingen voor een eigen woning af te trekken is komen te vervallen;

- Niet 100% maar 80% van de onderhoudskosten is aftrekbaar;

- De drempel om voor de aftrek in aanmerking te komen is vervallen. Het is dus niet meer nodig om onderhoud ‘op te sparen’ om boven de drempel uit te komen.

 

Belastingdienst_blauwe-envelop.jpg

 

Aftrekbare kosten per 2012:

Alleen kosten voor het vervangen of repareren van onderdelen van uw rijksmonumentenpand mogen worden afgetrokken. Het moet gaan om onderhoudskosten. Dat zijn werkzaamheden bedoeld om het pand in bruikbare staat te houden of te herstellen, waaronder achterstallig onderhoud. Het gaat dus niet om een verbetering zoals b.v. een uitbreiding van het pand.
Voorbeelden van aftrekbare onderhoudskosten zijn:

  • reparaties door een elektricien, loodgieter, metselaar, stukadoor en timmerman
  • onderhoud of reparatie van een cv-installatie, boiler, geiser, schoorsteen en dergelijke
  • buitenschilderwerk

 

Niet aftrekbare kosten: 

Kosten voor verbeteringen of veranderingen zijn fiscaal niet aftrekbaar.
Voorbeelden van dergelijke kosten zijn:

- de meerprijs bij het vervangen van een eenvoudige keuken door een luxe keuken;

- het opnieuw aanbrengen van een monumentaal element dat in de loop van de tijd is verdwenen, zoals een oude schouw of een glas-in-loodraam; 

 

Bel Witte dorp.jpg

 

- eigenaarslasten, zoals onroerendezaakbelasting of rioolrechten;

- afschrijvingen;

- kosten waarvoor u een vergoeding van een schadeverzekering hebt gekregen of gaat krijgen;

- financieringskosten voor aanschaf, onderhoud of verbetering van het pand en de kosten van opstal, erfpacht;

- kosten voor tuinonderhoud, behangen en binnenschilderwerk.

 

Bij grotere renovaties waarbij zowel onderhoud als verbeteringen zijn toegepast, zal de eigenaar van de woning in de slag moeten met de fiscus. Ook daar heeft het Onderhoudsfonds enige kennis van. Lees hier meer of neem met vragen gerust contact op met het Onderhoudsfonds.

---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

Opmerking:

Aan bovenstaande informatie kunnen geen rechten worden ontleend.